Wij staan voor gezonde gemeentefinanciën en een duurzaam financieel evenwicht. Dit betekent een evenwichtige begroting op de korte en de lange termijn. Helaas is de realiteit dat vooral landelijke en autonome ontwikkelingen er voor zorgen dat onze kosten (in met name het sociale domein) blijven stijgen. Hierdoor is het wederom niet mogelijk zonder fors in te grijpen tot een sluitende meerjarenbegroting te komen.
In deze begroting is een dekkingsplan opgenomen voor circa 2 miljoen euro in 2021 en circa 1 miljoen euro voor 2022. En dan hangt ons nog een groot aantal onzekerheden boven het hoofd die ieder voor zich een verzwaring van de financiële druk kunnen opleveren. Denk daarbij aan onder andere: doordecentralisatie beschermd wonen, de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, de Omgevingswet, bodemtaken, de herverdeling van het gemeentefonds vanaf 2022, het continueren van de extra bijdrage jeugd en de noodzakelijke investering in, of herhuisvesting van het gemeentehuis. Ook onze balanspositie biedt weinig ruimte om tekorten op te vangen. Onze vrije algemene reserve zakt snel en is inmiddels lager dan onze weerstandsreserve. Wel hebben we, na de maatregelen in de begroting, nog circa 1 miljoen euro onbenutte belastingcapaciteit
Om de begroting meerjarig sluitend te krijgen zijn forse bezuinigingen nodig. Dat hebben we de afgelopen jaren ook moeten doen. Die koek is nu wel op. Er zijn nog enkele niet-wettelijke taken waarvan we kunnen beslissen ermee te stoppen of deze te verminderen. Maar dat zijn nu precies onderdelen die onze inwoners hard raken (sport, cultuur, minima) of onze bestuurlijke slagkracht verminderen (regio Arnhem/Nijmegen, VNG). Bovendien houdt bezuinigen op deze onderdelen in, dat voorzieningen worden afgebouwd die zeker niet zomaar weer kunnen worden opgebouwd in betere tijden. Uiteraard hebben we te blijven kijken naar onze ambities en plannen en eigendommen. Daarin keuzes maken of faseren kan incidenteel wat opleveren. Tegelijkertijd weten we door deze situatie dat er zeker geen middelen zijn voor nieuwe plannen en ontwikkelingen. Ons wensenlijstje is lang, onze portemonnee leeg.
Wij geloven niet langer dat verdergaand bezuinigen een gemeente overlaat die er voldoende voor haar inwoners kan zijn. Wij willen een gemeente zijn die betrouwbare dienstverlening biedt, kan meedenken met initiatieven van inwoners en ondernemers, nieuwe taken op kan pakken als dat van ons gevraagd wordt (en we bijbehorende middelen ontvangen) en waarin onze medewerkers dit mogelijk maken en het raad en college kunnen ondersteunen om ook echt lokaal te kunnen besturen. Om te kunnen besturen is afwegingsruimte nodig en die is er niet als ons lokaal beleid en onze niet-wettelijke taken er niet meer zijn. Daarmee komt het bestaansrecht van een volwassen gemeente in het gedrang en dreigt ingrijpen van de Provincie en daarmee nog minder autonomie en lokale bestuurlijke ruimte.
Om die reden hebben wij de volgende keuzes gemaakt om de begroting voor de komende jaren sluitend te maken:
- Geen bezuinigingen op resterende niet-wettelijke taken die inwoners of bestuurskracht raken.
- Geen ruimte voor "wensen" om doelstellingen (beter) te bereiken.
- Wel noodzakelijke investeringen in organisatie meenemen.
- OZB verhogen met 1 miljoen euro extra.
- Tekort 2021 voor resterende deel via de vrije algemene reserve aanvullen.
- Het positieve saldo (miv 2022) jaarlijks naar de vrije algemene reserve overhevelen om deze weer aan te vullen en als buffer voor toekomstige risico’s.
De inkomstenverhoging gaat gepaard met een aantal bestuurlijke afspraken tussen gemeenteraad en college:
- We willen leren en verbeteren en varen scherp aan de wind
Ondanks dat organisatie, college en gemeenteraad al een intensief bezuinigingstraject in 2019 hebben doorlopen, blijven we kritisch op onze uitgaven en staan we open voor kansen om onze opbrengsten te optimaliseren. We zien voor de komende anderhalf jaar in de eerste plaats kansen in het beteugelen van de kosten in het sociaal domein en het optimaliseren van de opbrengsten uit onder andere grondexploitatie. Zeker op de besparingen in het sociaal domein wordt al ingezet, maar we willen nog meer gebruik maken van externe inzichten en goede voorbeelden in andere gemeenten. Daarom spreken raad en college af dat op zo’n kort mogelijke termijn, het liefst nog in 2020, de hulp gevraagd wordt van de Provincie of van een partij die de Provincie aanbeveelt, om Renkum te adviseren in welke kansen er liggen met betrekking tot deze twee beleidsterreinen. Gemeenteraad en college trekken hier gezamenlijk in op en verwerken de uitkomsten in de Voorjaarsnota in 2021.
Bovendien bekijken we ieder jaar het financieel perspectief opnieuw en wegen we af of het mogelijk is om de belastingen voor inwoners te verlagen. Waarbij we ons realiseren dat we de komende jaren te maken hebben met een flink aantal risico’s. We denken daarbij bijvoorbeeld aan de doordecentralisatie Beschermd wonen, de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, de Omgevingswet, bodemtaken, de herverdeling van het gemeentefonds en het al dan niet continueren van de extra rijksbijdrage voor de jeugdwet.
- We werken aan een duurzaam toekomstperspectief van de gemeente Renkum
Gezien de opgaven binnen het lokaal bestuur, de aanhoudende kwetsbare financiële situatie en de grote onzekerheid waarmee elk toekomstperspectief op dit moment gepaard gaat, maken we de afspraak enerzijds te investeren in onze bestuurscultuur en anderzijds samen met de Provincie te onderzoeken welke mogelijkheden en onmogelijkheden er zijn om de gemeente Renkum toekomstbestendig te organiseren. Dit onderzoek resulteert in scenario’s die voor het einde van deze raadsperiode van input kunnen dienen voor een volgende raadsperiode.
In de financiële onderdelen van deze begroting gaan we in op de financiële positie van onze gemeente. Ook geven we aan hoe onze meerjarenbegroting eruit ziet. Naast de baten en lasten binnen de programma's, zijn er ook geldstromen die niet specifiek bij een programma thuishoren. Deze worden toegelicht in het onderdeel algemene dekkingsmiddelen, overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien.